Teken en Lyme

Teken en Lyme

Een teek kan de ziekte van Lyme veroorzaken. Er zijn simpele maatregelen om dat te voorkomen.

Het aantal tekenbeten neemt de laatste jaren flink toe. Een mogelijk gevolg van een tekenbeet is de ziekte van Lyme.
Teken leven in struikgewas en hoog gras. Ze komen in heel Nederland voor en zien eruit als spinnetjes. Op de tekenradar kun je zien hoe actief de teken zijn. Met simpele maatregelen kun je besmetting voorkomen.
Wij adviseren om na een uitstapje in het groen altijd jezelf – en eventueel iemand anders – op teken te controleren.
Vind je een teek?  Dan kun je die makkelijk zelf weghalen. Als een teek lang op je huid zit, bestaat de kans dat hij de ziekte van Lyme veroorzaakt. Zonder behandeling kan deze ziekte chronische klachten veroorzaken aan je hart, zenuwstelsel, gewrichten en huid.

Controleer goed
Controleer je lichaam en je kleding op tekenbeten als je in het groen bent geweest. Teken kunnen zich overal vastbijten, maar hebben voorkeur voor liezen, knieholtes, oksels, bilspleet, randen van het ondergoed, achter de oren en rond de haargrens in de nek. Heb je een tekenbeet? Haal de teek dan snel weg. Hoe langer de teek in je huid zit, hoe groter de kans dat hij ziekteverwekkers overdraagt.

Je hoeft niet altijd naar de huisarts na een tekenbeet. Heeft de teek langer dan 24 uur op je huid gezeten? Overleg met de huisarts of je een behandeling nodig hebt.

Heb je de teek binnen 24 uur weggehaald? Houd de huid rond de beet tot drie maanden na de tekenbeet in de gaten. Let op het ontstaan van een rode ring of andere klachten die kunnen wijzen op de ziekte van Lyme. Krijg je klachten? Ga naar de huisarts en vertel dat je door een teek gebeten bent.

Meer weten?
Bij vragen kun je contact opnemen met het team Infectieziektebestrijding, telefoonnummer 088 - 443 33 55.