Screening

Tuberculose wordt overgebracht door mensen met open TBC die hoesten of niezen. Hierbij komen de bacteriën uit de longen naar buiten. Mensen, die in dezelfde ruimte verblijven, kunnen dan worden besmet. De besmetting kan zich pas na maanden of jaren ontwikkelen tot de ziekte tuberculose. Iemand kan dus besmet zijn met tuberculose zonder dat hij / zij er iets van merkt.

Symptomen
De symptomen van tuberculose zijn: hoesten, moeheid, lusteloosheid, gewichtsverlies en een lichte temperatuurverhoging, nachtzweten en verminderde eetlust. Besmetting kan aangetoond worden met een THT (Tuberculine huidtest) en soms met aanvullend bloedonderzoek (IGRA). Open tuberculose kan worden vastgesteld door een THT, röntgenfoto en bacteriologisch onderzoek. Een besmetting kun je preventief behandelen met een medicijnkuur van drie of zes maanden.
Tuberculose is goed te behandelen met een combinatie van medicijnen. Deze medicijnenkuur duurt minimaal een half jaar.

Wat doet de GGD?
De afdeling tuberculosebestrijding van de GGD houdt zich bezig met het voorkomen, bestrijden en opsporen van tuberculose. Dit gebeurt preventief door bijvoorbeeld voorlichting. Als er aanwijzingen van besmetting zijn, houdt de GGD zich bezig met begeleiding, bronopsporing en contactonderzoek onder de personen die mogelijk besmet zijn.

Aangifte Tuberculose
Tuberculose is een ziekte waarvoor een wettelijke aangifteplicht geldt. Een arts die tuberculose vaststelt, moet dat melden bij de GGD. Door die aangifteplicht en door registratie van alle aangiften ontstaat een overzicht van besmettingshaarden en van het aantal patiënten per jaar. Zo kan op elke melding adequaat worden gereageerd.

Begeleiding Tuberculose
Zodra een patiënt bij de GGD aangemeld is, neemt de GGD contact op met deze persoon. De patiënt wordt intensief begeleid en krijgt een passende medicijnenkuur. Gedurende de hele medicijnenkuur blijft de sociaal-verpleegkundige van de GGD de behandeling volgen.

De GGD probeert zo spoedig mogelijk te achterhalen door wie de patiënt besmet is. Dat wordt bronopsporing genoemd. De GGD inventariseert vervolgens alle contacten van de patiënt. Deze personen worden voorgelicht over de risico's van een eventuele besmetting. Ook worden ze op tuberculose onderzocht. Dat is het zogenaamde contactonderzoek. Dit onderzoek kan bestaan uit een THT, een röntgenfoto van de longen of bloedonderzoek.

(Periodiek) onderzoek
De GGD onderzoekt mensen met een verhoogd risico op tuberculose. Het onderzoek kan eenmalig zijn of periodiek. Het gaat om de volgende groepen mensen:

  • Asielzoekers, vluchtelingen en immigranten die langer dan 3 maanden in Nederland zullen blijven, worden bij aankomst in Nederland verplicht onderzocht op tuberculose. In de 2 jaar na aankomst volgen indien nodig meerdere onderzoeken op tuberculose.
  • Verslaafden, dak- en thuislozen worden door de GGD periodiek gecontroleerd.
  • In sommige beroepen is er meer risico en is een aanstellingskeuring nodig. Soms worden beroepsgroepen ook periodiek onderzocht.
Reizigers
Volwassenen en kinderen die geregeld of voor langere tijd op reis gaan naar een land waar tuberculose veel voorkomt (of zie Landelijk Centrum Reizigersinformatie) kunnen bij de GGD terecht voor informatie, voorlichting eventueel gevolgd door onderzoek.
Neem op tijd contact met ons op, zo mogelijk 8 weken voor vertrek.

Electronisch Patiëntendossier (EPD)
Van elk bezoek aan de GGD afdeling Tuberculosebestrijding registreren wij gegevens over u. Meer informatie.
Formulier bezwaar maken.