Geluiden zijn altijd om ons heen. Soms gewenst, maar soms ook ongewenst. Ongewenste geluiden kunnen een gevoel geven van ergernis, wrevel of onbehagen. Er is dan sprake van geluidhinder. Hierdoor kan het zijn dat je bijvoorbeeld niet meer ongestoord kunt slapen of een boek lezen.

De mate van geluidhinder hangt af van meerdere aspecten:

  • De kenmerken van het geluid. Bijvoorbeeld de sterkte van het geluid, de toonhoogte en het type geluidsbron.
  • De situatie. Of er sprake is van geluidsoverlast hangt af van het tijdstip, kenmerken van het geluid en maatschappelijke acceptatie.
  • De persoon. Iemand kan alleen voor zichzelf bepalen hoe hinderlijk hij het geluid vindt. 

Gezondheidsklachten door geluid

Mensen reageren verschillend op geluid. Uit onderzoek is bekend dat geluid bij een deel van de mensen negatieve effecten heeft op de gezondheid. Maar het is niet te voorspellen waarom de één wel klachten krijgt, en de ander niet.

 Effecten van geluid kunnen zijn:

  • hinder;
  • verstoring van de slaap: slecht slapen, waardoor men minder goed uitrust;
  • stress;
  • verstoring van sociaal gedrag (agressiviteit, protest);
  • hart- en vaatziekten door verhoging van de bloeddruk bij hogere geluidniveaus;
  • acute hartinfarcten (naar schatting jaarlijks 21 tot 150 door langdurige blootstelling aan hoge niveaus geluid van wegverkeer);
  • gehoorschade: lawaaidoofheid, oorsuizen (tinnitus). Bijvoorbeeld door verkeerd gebruik van een koptelefoon of na bezoek van een muziekevenement of disco.

Geluidhinder heeft ook gevolgen voor prestaties op het werk of school. Uit onderzoek blijkt dat kinderen minder goed presteren op een school dichtbij een lawaaiige weg of vliegveld.

Wet en regelgeving

De regels en richtlijnen zijn gedetailleerd vastgelegd in wetgeving. De geluidsgrenzen die de overheid hanteert, zijn afhankelijk van de situatie. Zo gelden er ’s avonds en ’s nachts strengere regels dan overdag, aangezien het ’s nachts stiller moet zijn.
Gemeenten kunnen zelf ook regels hebben over geluid (geluidbeleid). De gemeente kan gebieden aanwijzen waar een hoger of lager geluidniveau acceptabel is. Bijvoorbeeld een hoger geluidniveau voor een gebied met veel horeca gelegenheden, of een lager geluidniveau voor een natuurgebied.

Hinder door lage (brom)tonen

GGD-en krijgen regelmatig meldingen van mensen die aangeven dat zij hinder ondervinden van een voortdurende brom-of zoemtoon. Dit wordt ook wel eens laag-frequent geluid genoemd (LFG). Bij dit soort klachten is het belangrijk om de precieze oorzaak te achterhalen. Soms is er inderdaad sprake van een bromtoon, maar de hinder kan ook worden veroorzaakt door tinnitus (oorsuizen) of door fantoomgeluid. Wanneer wordt ingeschat dat er daadwerkelijk sprake is van een fysiek geluid, dan is het opsporen van de bron in de meeste gevallen zeer moeilijk. Vaak wordt de bron helemaal niet gevonden. Wordt er wel een bron aangetoond, dan is het niet altijd eenvoudig om de bron weg te nemen. Specifieke regelgeving ten aanzien van dit soort (vaak zacht) geluid, ontbreekt.

Meer informatie